Engeland en Schotland,

land van regen en muggen 1998

[naar de index


   


Een week voor vertrek neem ik het besluit. Ik ga fietsen in Engeland en Schotland. Ik heb al jaren het plan om het Britse continent van een bezoek te vereren, maar ben steeds weerhouden door het slechte weer en de muggen. Mijn nieuwe ligfiets durf ik nog niet in het hooggebergte uit te testen. Het Britse continent is echter geaccidenteerd genoeg om een idee te krijgen van de klimcapaciteiten van een ligfiets. Na een aantal aanpassingen op de ligfiets (spiegeltje aan de rechterkant plaatsen) ben ik er klaar voor. De spullen gaan in twee geleende Radical ligfietstassen. Op mijn drager is nog juist genoeg plaats voor twee waterdichte Ortlieb tassen, waarin ik de spullen opberg die absoluut droog moeten blijven (camera, papieren, slaapzak). 

Zondag Amersfoort- IJmuiden 100 km 
Na het vertrek vanuit Amersfoort fiets ik naar IJmuiden. Het is mooi weer, maar ik heb een behoorlijke tegenwind. Even buiten Haarlem kom ik twee ligfietsers tegen.  In Haarlem is het even zoeken naar de juiste weg richting IJmuiden, waar de boot al klaar staat. Vlak voor vertrek koop ik nog wat eten voor onderweg en een zak frieten. De portie is zo groot dat ik ondanks de fietstocht het niet op kan. De bootreis verloopt voorspoedig. Ik ontmoet een wandelaar die een weekje in het Lake District gaat rondlopen. Hij raadt me aan om de weg in Schotland bij Glen Coe te fietsen. Van slapen komt weinig in de couchette die zich vlak boven de motoren onder het parkeerdek bevindt. 

Maandag New Castle - Brampton 97 km 
Bij aankomst is het nat. New Castle is niet de mooiste stad van Engeland, een typisch industriestad met armoedige buitenwijken en drukke wegen. Het kost even wat moeite om het deprimerende New Castle uit te fietsen. Bij Heddon on the Wall bevinden zich de eerste resten van Hadrians wall, de oude Romeinse muur. Onderweg kom ik vaak oude resten tegen zoals de fundamenten van een kerk en van een fort (Housesteads Fort). Het tochtje langs de Hadrians wall is pittig met name door de stevige tegenwind en de weg die op en af gaat. Ook met een ligfiets blijf je daar last van houden. Ik kies er voor niet langs de drukke A69 te fietsen, maar via een binnenweg Brampton binnen te rijden. Op het smalle weggetje passeer ik daarbij nog diverse ruļnes en resten van de oude muur. In het kleine plaatsje Brampton vind ik al snel de eenvoudige en rustige camping. Vandaag behaal ik de hoogste maximum snelheid (72,7) en ook de laagste gemiddelde snelheid (16,2 km per uur). 

Dinsdag Brampton - Peebles 123 km 
Na een nachtje op de camping van Brampton fiets ik via Langholm richting het Noorden, waar ik stop om mijn voorraden aan te vullen. Dat is maar goed ook want de volgende plaatsjes zijn gehuchten zonder winkels. Het rustige weggetje door het Eskedal met twee pittige beklimmingen (339 meter en 357 meter) zijn prachtig. Na de eerste top passeer ik de grens met Schotland. Hier begint het landschap in the Southern Uplands van Schotland al iets ruiger te worden. De temperatuur koelt af en het begint behoorlijk te waaien. Na de drukke A72 kom ik Peebles aan, een leuk plaatsje met opvallend veel jongeren en aardig dorpskern. De camping ligt op een helling op een landgoed. Een echte aanrader! 

Woensdag Peebles - Fintry 129 km 
Na betaald te hebben voor de camping en boodschappen te hebben ingeslagen fiets ik richting Glasgow. Al snel begint het te regenen. Het licht heuvelachtige heuvellandschap tussen Glasgow en Edinburgh is niet bijster interessant en het weer maakt het niet beter op. Het oorspronkelijke plan was om Glasgow te vermijden, maar al snel beland ik op drukke wegen in de voorsteden van Glasgow. Na enige navigeren kan ik gelukkig uit het doolhof van wegen komen en fiets ik langs een grote gevangenis. Bij Campsie fells stijgt de weg aardig en een korte afdaling brengt mij in Fintry. Het is laat en ik verlang naar de camping. Een vijftal kilometer buiten het dorpje geeft een bordje bij een smal landweggetje de camping aan. Ik verwacht een kleine boerencamping, maar het blijkt een moderne Caravanpark te zijn. De camping staat bij wat resten van een kasteel en de prijs kwaliteit is hier volledig zoek. Voor het stukje gras rekenen ze 8 pond, hetzelfde bedrag als tweepersonen met een auto en een grote tent! 

Donderdag Fintry-Crainlarich 79 km 
De volgende dag begint het echte Schotse weer, bar en boos dus. Ik sta laat op en ben pas om 12 uur op weg. Na de rustige B 822 fiets ik na Callender over de drukke A 84. Via een aantal klimmetjes stijgt de weg naar 288 meter. De weg is niet steil. De druk bereden weg met veel vrachtverkeer maakt het echter niet prettiger. 
Het weer zit ook niet mee. De zware bewolking bedekt het waarschijnlijk zeer indrukwekkende landschap en de regen gutst met bakken uit de hemel. Na een korte afdaling stop ik even om weer wat te eten. 
Even later stopt een andere fietser op een Gazelle, dat moet een Nederlander zijn. En jawel, het is Ben. Hij maakt een tocht vanuit NL door Duitsland, Denemarken, Noorwegen, Engeland, Ierland en is dan van plan richting Israel te fietsen! Dat is weer eens wat anders dan twee weken ligfietsen. Hij blijkt dus al aardig wat kilometers in de benen te hebben en het blijkt dat hij een groot gedeelte langs dezelfde route als mijn tocht in Noorwegen van vorig jaar heeft gefietst. 
Ik laat mij graag door Ben overhalen in de jeugdherberg te Crainlarich te overnachten. Crainlarich ligt halverwege de West Highland way, de bekende Schotse wandelroute. De jeugdherberg is vol met wandelaars die ook vandaag een nogal natte dag hebben gehad. Samen met een aantal wandelaars sluit ik de dag af met een redelijke maaltijd in de plaatselijke pub.

 

Vrijdag Crainlarich- Taynuit 131 km 
Na een goede nachtrust en een dito ontbijt neem ik afscheid van Ben. Hij fietst verder via Manchester naar Ierland en geeft nog een goed idee om Glasgow te vermijden. 
Het regent weer als ik Crainlarich verlaat. De weg bij loopt evenwijdig aan het wandelpad en al snel fiets ik langs Tyndrum, de volgende ettapeplaats voor de wandelaars. Bij de bridge of Orchy wordt het droog, maar het blijft zwaarbewolkt. Desalnietemin wordt het landschap indrukwekkend. Enkele ruige bergtoppen in de verte worden door de zon van een gouden rand voorzien. Na een behoorlijk stuk klimmen fiets ik door de Rannoch moors. De hoogvlakte van de schotse moors ziet er ruig en ontoegankelijk uit. Nog indrukwekkender wordt het landschap bij Glen Coe. Na het open en vlakke landschap van de Moors is de vallei van Glen Coe een hele overgang. De weg kronkelt door een smal vallei langs ruige bergruggen. Enkele zonnestralen geven het meertje een bijna magisch sfeer. 
Na een korte afdaling klaart het weer zowaar op. In het fjorden gebied is de zomer dan toch gearriveerd. Het is een prachtig kustweggetje met af en toe schitterende uitzichten, zoals het op een eilandje gelegen kasteel even nabij Barcaldine. De rustige A828 volgt de kustlijn tot aan Oban. Even voor Oban word ik nog vanuit een auto gefilmd. Een ligfiets is een bijzondere verschijning in Schotland! 
Op de camping bij een tankstation een aantal kilometers na Taynuilt zet ik mijn tent op.
Zaterdag Taynuit - Skelmorlie 119 km 
Als ik op sta heeft het prachtige weer van gisteren Schotland nog niet verlaten. Het is een stralende dag. Zonder veel problemen bereik ik Invernay, een aardige plaatsje met veel witte woningen. Bij Dunoon pak ik een pont en kan ik nog een laatste blik werpen op de hoge bergen van Schotland. Met de overtocht vermijd ik het drukke Glasgow. 
De camping in Skelmorlie even buiten Wemyss bay ligt boven op een heuvel. Met een uiterste krachtinspanning en een file auto's achter mij aan lukt het me om al fietsende boven te komen. Dit is de eerste keer dat ik echt in de problemen kom, ik schat de helling als meer dan 20% in. 
Het uitzicht vanuit mijn tent op het eiland van Arran is schitterend en ziet er erg aanlokkelijk uit. Dit eiland wordt geroemd om de mooiste afdaling van heel GB. Helaas is daar nu te weinig tijd voor, misschien een volgende keer. 
In een pub bij Wemyss bay besluit ik de avond samen met een aantal Schotten van de camping (Ian, Pieter, Luke) de avond. 

Zondag Skelmorlie - Sanguhar 111 km 
Het normale Schotse weer is vandaag wedergekeerd. De regen komt met bakken uit de hemel en het blijft de gehele dag regenen. Met veel gebruik van drukke A-wegen vecht ik mij een weg door de regen. Een tijdje kan ik profiteren van de slipstream van een aantal racefietsers. Even buiten Ayr beland ik op een vierbaans autoweg, waar het vrachtverkeer met een noodgang langs scheurt. Hierdoor afgeschrikt kies ik weer voor wat B-weggetjes, die zeer geaccidenteerd door het Schotse laagland kronkelen. Doorweekt kom ik om zeven uur op een kleine camping achter een benzine station aan. De campingbazin is enigzins verbaasd dat ik nog wil kamperen. De warme douche doet veel goed. 

Maandag Sanguhar - Bothel 143 km 
Al vroeg op weg volg ik de redelijk rustige A 76 richting het zuiden. Het weer is volledig opgeklaard. Nu merk ik pas dat de regen redelijk wat slijtage aan het materiaal heeft veroorzaakt. Met name de voorderailleur schakelt zeer stroef en ik moet de voorbladen met de hand bedienen. Ik probeer de derailleur zo goed mogelijk af te stellen, maar het blijft behelpen. Even voorbij Dumfries verlaat ik Schotland en heb ik een fraai uitzicht op de bergen van het Lake District. 
Het drukke Carlise kan ik redelijk vlot passeren. Via de drukke A595 fiets ik naar Bothel, waar ik kampeer aan de rand van het Lake District. 

Dinsdag Bothel -Windemere 65 km 
's Ochtends druppelt het nog en ik draai me nog een keer om. Als de regen even vermindert, pak ik alles in no-time in. Het blijft regenachtig. Ik bezoek daarom maar het gezellige, maar toeristische Keswick. Het is een plaatsje boordevol met buitensport zaken, ik heb er nog nooit zoveel bij elkaar gezien. Het zijn de bekende spullen die verkocht worden tegen de normale prijzen. 
Bij de plaatselijke fietsenboer vervang ik mijn binnen en buiten derailleurkabel, wat al een hele verbetering geeft. De fietsenmaker wil wel een rondje op mijn ligfiets gaan rijden, maar komt nauwelijks weg. 
Het regenachtige weer blijft voortduren, dus een aantal passen schrap ik van het programma. Even buiten Keswick volg ik even de C2C (Sea to sea route van Whitehaven naar New Castle). Na een stevige helling bekijk ik Castlerigg, een  mysterieuze stone circle. Ik neem vervolgens de kortste weg naar Windemere via de A 591, waar ik eerst een leuk weggetje langs het Thirlmere volg. 
In Windemere blijken alle campings in centrum geen tenten te accepteren. Ik zoek daarom maar een Bed and breakfast op. Bij de eerste de beste bel ik aan en ik word met open armen ontvangen. De eigenaar is zeer aardig en ik kan al mijn natte kleren in de droger laten stoppen. De eigenaar weet veel van de omgeving en wijst me een aantal leuke routes aan. Hij bewondert mijn ligfiets en is duidelijk een kenner. De avond besluit ik met een niet zo fantastische pub maaltijd. 

Woensdag Windemere -Sedbergh 95 km 
Na een zeer goede nachtrust en een uitgebreid Engels ontbijt heb ik weer zin in een leuk fietstochtje. Het weer is prachtig en ik besluit om nog een aantal rondjes door het Lake District te fietsen. Eerst vervang ik mijn remblokjes die volledig tot op de draad zijn versleten. 
Na een pontje over het Windermere fiets ik door het parkachtige Hawkshead en het prachtige Langdale Valley. Aan het eind van dit vallei stijgt het weggetje abrupt met een verschrikkelijk stijgingspercentage naar de pas. Een aantal ATBers zie ik lopend naar boven strompelen. Desalnietemin probeer ik het toch. Bij de derde bocht in in stuk van meer dan 25% gebeurt het onvermijdelijke. Ik kan mijn evenwicht niet meer bewaren, ik val stil en mijn fiets rijdt achteruit. De fietstassen breken gelukkig de val en er is geen verdere schade. De rest van de klim kom ik lopend boven. 
Afgeschrikt door deze ervaring laat ik de steilste klim van Europa, de Hardknott pass (met stukken 1:3) links liggen. Ik kies voor een andere 3 miles lange maar ook gruwelijk steile klim, de Kirkstone pass. Met hangen en wurgen kom ik langs de eerste passage, die zeker boven de 20% is. Het grootste probleem met snelheden onder de 5 km per uur heb ik het met het evenwicht. Ik hang over mij stuur heen zodat mijn ligfiets in een hangfiets is veranderd. De laatste twintig meter is wederom te steil en die leg ik dan ook lopend af. 
Na de uitstapjes in het Lake district wil ik nog de Pennies in. Het geplande Hawes bereik ik door het sterk geaccidenteerde terrein niet, maar Sedbergh is nog net haalbaar. 

Donderdag Sedbergh-York 139 km 
Na een vijftiental mile kom ik in Hawes aan. Het plaatsje is berucht vanwege de steile afdaling. Ik rijd hem nu echter niet als afdaling, maar als klim. Ondanks enkele pittige passages slaag ik er in zonder af te stappen in een keer boven te komen. De afdaling aan de andere kant is zeer steil, maar te onoverzichtelijk en te smal om hoge snelheden te behalen. De route volgt dan pittoreskachtig landschap, met de zo typische dalen en bollende heuvels van de Yorkshire dales met hei en moeras begroeing. 
De wegen zijn smal, zo smal zelfs dat auto's elkaar nauwelijks kunnen passeren. In een onoverzichtelijke bocht staat een Nederlands echtpaar met een flinke deuk in de zijkant. 
De volgende kilometers gaan over een zwaar golvend terrein met drie zeer zware hellingen. Na een zeer steile afdaling bij Pateley bridge verlaat ik de Yorshire dales. De kilometers naar York zijn dan vlot afgelegd en even na zevenen arriveer ik op de camping in het gezellige plaatsje York. 's Avonds maak ik nog een rondje door het prachtige stadje, dat ook in de avond zijn charmes heeft. 

Vrijdag York- Hull 86 km 
Dit is een korte rit door een golvend landschap. De laatste kilometers rijd ik door armoedige buitenwijken en een industrie gebied. Ik arriveer vroeg bij de boot en spendeer mijn laatste ponden aan wat boodschappen. 

Zaterdag Europoort-Amersfoort 116 km 
Na een rustige bootreis, waar ik Ronald een andere fietser tegen kom begin ik aan de laatste loodjes. Met een tussenstop in Rotterdam fiets ik rustig naar Amersfoort waar ik net iets meer dan 1540 kilometer op de teller heb staan. 


© 1998 Luddo Oh